Bloedstollend mooie koorzang en onvergetelijke voordracht
Jeanette Vergouwen-de Caluwe
Het Zweeds Kamerkoor (Svenska Kammarkören) trad vrijdag 13 maart 2026 op o.l.v. dirigent Simon Kim Phipps in de Sint Baafskerk in Aardenburg. Met namen als Sven-David Sandström, Ingvar Lidholm, Bo Holten en David Lang op het programma, kom je als publiek onwetend maar vol verwachting luisteren.
De eerste drie componisten zijn 20e-eeuwse Zweden en de vierde is een Amerikaan die in 2007 een sprookje van de Deen Hans Christian Andersen op muziek heeft gezet.
Het koor (13 mannen en 15 vrouwen) bezit een mooie balans. De stemmen passen perfect bij elkaar en de groep vormt een eenheid.
Begonnen werd met Hear my prayer, O Lord, een soort smeekbede gebaseerd op een werk van Henri Purcell maar afgerond op Scandinavische wijze door Sven-David Sandström Een tweede smeekbede vormde De Profundis (vanuit de diepte roep ik tot U, Heer). Opvallend waren de vele klankkleuren van de verschillende zangstemmen (van hoge sopraan tot en met nobele lage bas). Als er gesmeekt werd, klonken de stemmen dwingend en emotioneel, je hoorde pure klanken, dan weer zacht en smekend, dan weer hard en eisend.
Heel apart was het Regn og Rus og Rosenbusk (Regen en rook en rozenstruik) van Bo Holten, een componist die vooral bekend staat om zijn polyfonische vocale muziek. Het werk gaat over hoe de mens tegenover het leven staat: voor de een is het een zwarte nacht en pijn, voor de ander is het zonlicht en genot (de zwartkijker en de levenslustige). Het was een spannende vertolking waarin je soms bijtend sarcasme hoorde (hoge kreten door de sopraan), sussende tonen, zachte klanken door de andere solisten en een reciterend beschouwing. Het verhaal kreeg een emotionele lading door het geraffineerde goochelen met vocale kleuren, eigen aan de verschillende stemgroepen.
Wie kent niet het sprookje ‘Het meisje met de zwavelstokjes’. Supertriest en gevoelig. David Lang heeft hier een eigentijdse tekst van gemaakt en combineert het met godsdienstige teksten. The Little Match Girl Passion is opgebouwd als een Passie. Bach gebruikte voor zijn Passion recitatieven, aria’s, koralen en koren om afwisselend het verhaal te vertellen en te becommentariëren. David Lang doet dit door reciterende koren af te wisselen met overdenkingen.
Aloun Marchal heeft een speciale choreografie gemaakt voor dit werk. De koorleden bewogen steeds, naar voor, achteruit, van rechts naar links. Men liep (schuifelde) door elkaar, af en toe werd er een hand op een schouder gelegd. Je hoorde de kreten van pijn, de berusting en het moed inspreken. Je zag de wroeging en het medelijden, omdat de klanken binnenkwamen, en emotie opriepen. Zo knap, temeer omdat de klankkleuren van overal kwamen, iedereen liep door elkaar en draaide ook regelmatig het hoofd. De instrumentale begeleiding was summier (slagwerk en xylofoon en buisklokken) maar effectief.
Laat me drie momenten noemen die bij zullen blijven. De kreten ‘Eli, Eli’ die het stervende meisje uitroept en die door de ruimte sneden, voortgebracht door vele monden. Het moment waarin de stervende vraagt om haar niet te verlaten (‘Don’t leave me, Stay with me’): een werkelijk bloedstollend mooi koor. En het slotkoor waarin de woorden ‘Rest soft, daughter, rest soft’, het beeld opriepen van het slotkoor Wir setzen uns mit tränen nieder van de Mattheus Passie van Bach.
Ook de toegift, een traditioneel lied, was strelend mooi. Een concert om niet te vergeten, zo spannend en ontroerend. Apart en een bijna onmenselijk knappe vertolking.



