Recensie BachPlus 27-9-2026

Recensie Matthëus Passion 2026

maart 30, 2026

foto: Donald Bentvelsen

Muziek waarin verdriet ook bezinning en hoop brengt

 

Jeanette Vergouwen-de Caluwe

Wat een uitgebalanceerd en speciaal programma presenteerde BachPlus o.l.v. Bart Naessens zondag 27 september 2026 in de Sint Baafskerk in Aardenburg. Drie cantates uit de Duitse Barok en twee volledig in die periode passende instrumentale werken. Het tijdperk waarin de jonge Johann Sebastian Bach luisterde naar de muziek van zijn voorvaderen (ooms) en de cantor van Leipzig; Christian Ludwig Boxberg. Hij moet de rust in die muziek ervaren hebben en verwerkte die rust, aanvaarding en hoop daarna in zijn cantates.

 

Een uitvoering van BachPlus blinkt altijd uit, omdat de interpreten de perfectie nastreven, zowel de vocalisten als de instrumentalisten.

De openingscantate Du aber, Daniel, gehe hin van Georg Philipp Telemann (1681-1767) zorgde ervoor dat het publiek meteen geboeid was. Deze tijdgenoot van Bach werd verweten dat hij een veelschrijver was. Hij componeerde inderdaad veel, maar zijn muziek is bijzonder. Hij weet als geen ander emotie op te roepen, doseert zijn muziek heel evenwichtig en schrijft geweldig interessante instrumentale begeleidingen. De boodschap van berusting in het verhaal van Daniel kwam prachtig over. De recitatieven werden dramatisch juist gebracht door de bas  Tiemo Wang en zijn de aria en Arioso klonken vol en mooi. De da capo aria Brecht, ihr müden Augenglieder werd door sopraan Kristin Witmer bezield en vol passie gezongen. Opvallend waren ook het openings- en slotkoor met een mooie balans tussen de verschillende stemtypen.

 

Het instrumentale intermezzo Solosonate in a voor viool en Basso Continuo (orgel) van Johann Erasmus Kindermann (1616-1655) in vroegbarokke stijl was verrassend, eenvoudig en virtuoos tegelijk. Het was een perfecte introductie naar de Cantate Bestelle dein Haus van Christian Ludwig Boxberg (1670-1727). In vier ‘koralen’ werd de vergankelijkheid van het leven bezongen. Je herkende de koraalvormen uit de passionen van J.S. Bach. De afwisseling van de tutti en de soli was apart.

 

De Sonate in e voor viool en orgel van Johann Sebastian Bach (1685-1750) klonk warm en triest. Het was meeslepende muziek met een ingenieuze begeleiding en virtuoos vioolspel van Jonas Krebs. Het was een goede overgang naar de Cantate Aus der Tiefe rufe ich, Herr, zu dir (BWV 131) waarin Bach de smeekbede om genade uit Psalm 130 bewerkte in cantatevorm.

Een integer werk met drie prachtige koren en daartussen twee duetten. Bach en zijn tijdgenoten componeerden schitterend op de woorden uit de geestelijke teksten; via versieringen, geschudde tonen, dalende toonreeksen en emotionele invullingen.

Door de geweldige instrumentale begeleidingen van de strijkers (viool, gamba’s, violone) en blazers (blokfluit, hobo en fagot), was de uitvoering oren strelend, spannend en dynamisch. Overtuigend waren  de duetten. In het eerste duet zong de bas de melodie en de sopraan een koraaltekst boven die melodie (cantus firmus). Dit gebeurde ook in het duet tussen tenor Marco Feirrera en altus Clint Van Der Linde.

Een concert waarin de hoop centraal stond. Alles werd uitstekend geleid door Bart Naessens vanachter het orgel, zoals ook de componisten vaak deden.